Orkun Kökcü mocht tegen Vitesse weer vanaf de eerste minuut op het veld staan. Dat deed de middenvelder prima, want hij wist het enige doelpunt van Feyenoord te maken.

“Ik wil Europees voetbal spelen. Dat is goed voor de club, voor het elftal en ook voor mij”, aldus Kökcü, die weet dat hij hard moet blijven werken om in aanmerking te blijven komen op speeltijd. “Het is simpel, als jeugdspeler moet je bewijzen dat je mee kunt of beter bent dan die mannen. Je moet het echt verdienen. De trainer weet ook met mij wat hij doet.”

“Als ik nu het seizoen bekijk, dan waren de keren dat hij me heeft opgesteld gewoon goed. De club én de trainer hebben een plan met me. Als jonge voetballer wil je altijd meer, maar je moet de kwaliteit hebben en het zelf afdwingen”, zo vervolgde Kökcü in De Telegraaf.

Op fysiek vlak merkt hij dat hij stappen maakt. “In het begin lag ik bij een tikkie al op de grond. Ik werk aan mijn spierkracht, ben veel sterker aan het worden en blijf daardoor overeind als ze me op de huid zitten.”

Zijn mentor op de trainingen is Robin van Persie. “Ik moet van hem voortdurend ’scannen’ en snel naar voren spelen. Want van spelers die achteruit een pass geven, zijn er al genoeg, zegt hij altijd. Daar heeft hij, denk ik, wel gelijk in.”

DELEN